Is een topsporthal geschikt voor onderwijsgebruik?
In steeds meer gemeenten gaan stemmen op om te komen tot een topsportaccommodatie. Vraag is of de ambitie realistisch is en of er bij het exploitatieplaatje niet al te makkelijk van uitgegaan wordt dat onderwijsgebruik een bijdrage levert aan de exploitatiedekking. Want een topsporthal is niet per definitie ook geschikt voor onderwijsgebruik.
Onderwijs heeft baat bij vierkante meters, de sport vraagt daarentegen om kubieke meters. De internationale regels voor sporten vereisen steeds hogere hallen. Daarom komen er meer en meer topsporthallen met een hoogte van 9 meter en zelfs al 11 meter. Voor onderwijsgebruik (maar ook voor trainingen van gemiddelde sportverenigingen) volstaat een hoogte van 7 meter). Die 2 of 4 meter extra hoogte leveren het onderwijs geen meerwaarde op, sterker nog, die extra hoogte levert problemen op als het gaat om bijvoorbeeld de zwaaitoestellen.
Een topsporthal is veelal niet meer dan een hoge hal waarin topsportvoorzieningen als basketbaltorens en volleybal centrecourt zijn aangebracht. En natuurlijk tribunes voor de toeschouwers. Voor het onderwijs is een topsporthal niet anders dan een binnenaccommodatie waar kwalitatief goede lessen bewegingsonderwijs gegeven moeten kunnen worden. Dat vraagt om de juiste onderwijs sportinventaris. En daarvoor zijn extra (bouwkundige) investeringen nodig. Zoals:
De akoestische waarde in topsporthallen laat nogal eens te wensen over als het gaat om onderwijsgebruik. Bij een top volleybalwedstrijd met een goed gevulde tribune is sprake van een heel andere akoestiek dan een 9 meter hoge hal waarin 30 kinderen basketballen. Er is inmiddels het nodige onderzoek gedaan dat lesgeven in een accommodatie met slechte akoestiek kan leiden tot gehoorbeschadiging.
Topsportaccommodaties verrijzen veelal aan de rand van de stad. Scholen staan vaak niet direct in de omgeving. Dat betekent de nodige aanreistijd. Hoe het vervoer ook geregeld is, dit gaat ten koste van effectieve bewegingsonderwijstijd. Een onwenselijke situatie gezien de beperkte tijd die nu al beschikbaar is.
De vanzelfsprekendheid waarmee onderwijs in een topsporthal ‘ondergebracht’ wordt is niet terecht. Er zal vooraf duidelijk moeten zijn voor welke activiteiten een topsporthal door het onderwijs gebruikt kan worden. Dat heeft gelijk als consequentie dat de hal voor die activiteiten geschikt gemaakt moet zijn (sportinventaris, akoestiek, verwarming, enz). Als dit vooraf helder is en doorgerekend wordt, kan een goede afweging gemaakt worden of het onderwijs van de topsporthal gebruik gaat maken. Maar ook of een topsporthal zonder onderwijsgebruik exploitabel te krijgen is.
Ambities rond topsportaccommodaties nemen ook in kleinere plaatsen grootstedelijke vormen aan. Politieke scoringsdrang en verantwoord omgaan met gemeenschapsgelden lijken daarbij niet altijd in balans. Vanuit behoefte en exploitatie lijkt het logischer om dit soort initiatieven regionaal op te pakken in plaats van lokaal. Door te kiezen voor een regionale topsportstructuur, is de exploitatie wellicht rond te krijgen zonder onderwijsgebruik. Wat zou het dan mooi zijn als het onderwijs in accommodaties terecht kan die dicht bij school zijn en wat betreft omvang en inventaris goed aansluiten op het hedendaagse bewegingsonderwijs. Utopie? Meer een kwestie van visie op de rol die scholen en sportaccommodaties spelen bij toekomstige (maatschappelijke) ontwikkelingen.
Meer weten over dit onderwerp? Neem contact op met Nijha, (0573) 28 85 55 of info@nijha.nl.
Wilt u advies op het gebied van het inrichten van uw sport-accommodatie?
Maak een afspraak met een van onze adviseurs:
Telefoon (0573) 28 85 55 of via het contactformulier
Meer weten over inspectie en onderhoud van uw sport-accommodatie?
Neem dan contact met ons op: Telefoon (0573) 28 85 55 of via het contactformulier