Een vraag uit de praktijk. "Onze accommodatie is obstakelvrij en goedgekeurd volgens de richtlijnen van NOC*NSF. Moet ik ervoor zorgen dat tijdens het gebruik deze richtlijnen ook daadwerkelijk worden nageleefd?"
Veel sporthallen worden obstakelvrij ingericht. Dat betekent dat klimrekken in opbergstand opgehesen worden boven de 2 meter en dat vastzetinrichting van ringen en touwen weggewerkt zijn in een koof in de muur van de hal. De achtergrondgedachten om over te gaan tot obstakelvrij inrichten en het laten keuren van de accommodatie lopen uiteen. Maar veelal blijft het in de praktijk bij het laten keuren van de hal bij oplevering. Maar hoe zit het met de handhaving van deze richtlijnen als de hal eenmaal in gebruik is?
De NOC*NSF keur wordt verkregen als aan de eisen voldaan is die omschreven zijn in het Handboek Sportaccommodaties. Bij het opstellen van de Normbladen is de veiligheid van sporters, trainers en bezoekers een belangrijk uitgangspunt. Voor sporters is bijvoorbeeld de obstakelvrije ruimte achter een speelveld een belangrijk gegeven. Binnen die vrije uitloopruimte mogen geen obstakels aanwezig zijn, vandaar dat een klimrek opgehesen moet worden als die binnen deze ruimte valt.
De keuring volgens de NOC*NSF richtlijnen is een momentopname. Na het verkrijgen van het certificaat is het aan de manager of beheerder van de accommodatie om toe te zien op de handhaving van richtlijnen. Dat lijkt logisch maar is dat niet altijd. Een veel voorkomend voorbeeld uit de praktijk hieronder verduidelijkt dit.
Voor wat extra inkomsten worden bij wedstrijden vaak reclameborden rond een veld geplaatst. De gemiddelde sportaccommodatie is zo gebouwd dat er net voldaan kan worden aan de ruimte eisen vanuit de sportbonden. Een reclamebord staat dan al snel binnen de vrije uitloopruimte van het veld. Zeker als eerst het klimrek naar beneden gedraaid wordt om het reclamebord tegenaan te zetten. Met het oog op de veiligheid van de spelers en dus de richtlijnen van NOC*NSF mag dit niet.
Een ander veelvoorkomend praktijkvoorbeeld. In veel sporthallen is bij in gebruikname één onderwijsdeel aanwezig waar klimrekken en zwaaitoestellen zijn aangebracht. Bij uitbreiding van het aantal onderwijsuren kan de behoefte ontstaan om ook een tweede haldeel voor onderwijs in te richten. De kosten voor bouwkundige voorzieningen die nodig zijn om het nieuwe klimrek obstakelvrij aan te brengen zijn vaak zo hoog (of soms zelfs krachtentechnisch onmogelijk) dat er gekozen wordt voor een standaard klimrek. Als deze zich bevindt in de vrije uitloop van een sportveld, dan wordt niet meer voldaan aan de richtlijnen volgens NOC*NSF.
Het laten certificeren van een sportaccommodatie volgens NOC*NSF richtlijnen gaat dus verder dan een eenmalige activiteit. De waarde van het certificaat is ‘een stuk minder’ als er na verkrijging geen handhaving plaatsvindt. Sterker nog, als blijkt dat een gecertificeerde hal niet meer obstakelvrij is na uitbreiding van inventaris kunnen er bij sportongevallen verantwoordelijkheidsvraagstukken optreden. Of kunnen wedstrijden afgelast worden met alle exploitatiegevolgen van dien. Al dan niet certificeren vraagt dus om een goede afweging vooraf, handhaving in de praktijk en inzicht in mogelijke gevolgen van toekomstige wijzigingen in gebruik.
Heeft u specifieke vragen over richtlijnen bij de inrichting van sporthallen en de naleving hiervan? Neem dan contact op met Nijha, (0573) 28 85 55 of info@nijha.nl.
Wilt u advies op het gebied van het inrichten van uw sport-accommodatie?
Maak een afspraak met een van onze adviseurs:
Telefoon (0573) 28 85 55 of via het contactformulier
Meer weten over inspectie en onderhoud van uw sport-accommodatie?
Neem dan contact met ons op: Telefoon (0573) 28 85 55 of via het contactformulier