Tips & Tricks
Wij delen graag onze tips en tricks zodat jij meer mensen met plezier in beweging kan krijgen.
Artikelen
Ouderen langer zelfstandig dankzij beweegspellen
Wat heeft overgooien met pittenzakjes, of rondlopen met kettlebells te maken met het dagelijks leven van ouderen? Beweegspellen voor ouderen zijn niet zomaar ontworpen als leuke tijdsbesteding. De oefeningen en bijbehorende materialen dienen een hoger doel: ouderen langer zelfstandig laten genieten van het leven. We leggen uit hoe Nijha’s materiaal daaraan bijdraagt.
Als je ouder wordt, gaan je motorische vaardigheden achteruit. En hoewel niemand afhankelijk wil worden van zorg, zien niet alle ouderen direct de meerwaarde van beweegspellen. Maar wat als je dankzij oefeningen met gewichten langer zelf je boodschappentassen kunt dragen? Of wat als je door je lichaam soepel te houden nog steeds naar de bovenste keukenkastjes kunt reiken, of iets eenvoudigs als je haar nog kunt kammen?
Oefeningen passend bij alledaagse vaardigheden
Vanaf 50 jarige leeftijd verliezen wij jaarlijks 1,8% aan spierkracht. Vanaf 70 jarige zelfs tot 3,5% per jaar. Om zelfredzaam te blijven in het dagelijks leven is het trainen van kracht, uithoudingsvermogen én balans belangrijk. Net zo belangrijk is het trainen van je geheugen. Het maakt niet uit of ouderen nog thuis wonen, of al in een zorginstelling wonen: blijven oefenen op dagelijkse vaardigheden is onmisbaar voor een vitaal leven. De trainers en begeleiders kunnen precies uitleggen aan welke vaardigheden de oefeningen en het materiaal bijdragen. En samen actief zijn in groepsverband maakt het trainen wél zo leuk!
CrossFit: uitdaging voor GALM groepen
Crossfit circuits zijn heel geschikt om tijdens de GALM lessen op kracht te trainen. Bij Crossfit gaat het om het zo snel mogelijk uitvoeren van functionele bewegingen. En dat met een hoge intensiteit. De oefeningen zijn gevarieerd en duren tussen de 30 seconden en 1 minuut, dus veel dynamiek in de les. Een totale work-out duurt 20-30 minuten waarbij het hele lichaam betrokken wordt. Bij oefeningen gaat het om vormen van duwen, tillen, stoten, trekken, gooien, springen, optrekken, ‘rennen’ en combinaties daarvan. En al die acties zijn te vertalen naar het dagelijks leven: het dragen van een zware boodschappentas, het lostrekken van een boodschappenwagen bij de supermarkt of het snel reageren op een onverwacht obstakel.
Rubberflex Grabball houdt de vingers soepel
Stramme vingers werken beperkend. Oefenen met de soft rubber Grabball houdt de vingers langer soepel en verbetert de fijne motoriek. De Grabball is geschikt voor duwen, knijpen, draaien maar ook voor mikken, werpen, vangen en rollen. De bal is makkelijk te vangen en te controleren. Ook inzetbaar bij neurorevalidatie en beweegprogramma’s. Een (jongleer)doek door de gaten ‘rijgen’ is een goede fijnmotorische oefening en maakt de Grabball ook geschikt voor zwaai-oefeningen.
Move Cubes: dobbelstenen met extra functionaliteit
Aan de zachte Move Cubes geef je je eigen invulling. De zes verschillend gekleurde vlakken hebben een insteekhoes waarin kaarten met opdrachten, beelden of symbolen geschoven kunnen worden. Een paar voorbeelden:
- Met stippen- of cijferkaarten wordt het een ‘normale’ dobbelsteen.
- Voor GALM groepen kan de Move Cube voorzien worden van opdrachtkaarten voor een circuit.
- Kaarten met foto’s of tekeningen van objecten (thee kopje, lepel, melk, suiker) worden op een speelse wijze ingezet bij het serveren (of het helpen daarbij) van thee en koffie.
Door de afmeting van 15 x 15 cm zijn de Move Cubes goed zichtbaar en ook vast te pakken door deelnemers met minder grip.
Doe-kleden: meer plezier aan tafel
Voor ouderen die niet meer mobiel zijn bieden de Doe-kleden tal van mogelijkheden om aan tafel te bewegen. Spelenderwijs oefenen de deelnemers de fijne motoriek, werken zij aan de oog-handcoördinatie en trainen ze hun geheugen. De Doe-kleden zijn verkrijgbaar in meerdere uitvoeringen. Van mikspelletjes en woordzoekers tot geheugentraining en traditioneel ganzenbord. Ieder Doe-kleed komt met een set spelmaterialen en spelkaarten. Deze bieden inspiratie voor zowel de professionals als familie en vrijwilligers. Zij kunnen direct met de Doe-kleden aan de slag waardoor het Doe-kleed de hele dag door ingezet kan worden.
Lesmethodes voor het speellokaal
Het is een hele klus om elke week weer originele gymlessen voor kleuters te bedenken. Terwijl het zo belangrijk is dat kinderen veel variatie hebben in de bewegingen die ze leren maken. Gelukkig is het niet nodig om alles zelf te bedenken. In dit artikel zetten we – zonder uitputtend te zijn – verschillende werkboeken en methoden op een rij voor bewegingsonderwijs aan kleuters.
De verschillende lesmethoden voor kleuters
Bewegingsonderwijs in het speellokaal
- Een flexibele methode voor bewegingsonderwijs aan kleuters.
- Een praktisch boek waarmee elke basisschool een eigen jaarplan en weekrooster kan maken.
- Een boek vol suggesties en praktische tips.
- Uitgave 2020: Publicatiefonds 't Web ISBN 978-90-73218-00-0.
Basisdocument bewegingsonderwijs
- Er worden 12 leerlijnen uitgewerkt die corresponderen met de kerndoelen.
- Er zijn beschrijvingen opgenomen over de bewegingsactiviteiten, zoals arrangement, regels en afspraken met kinderen.
- Boek inclusief CD-rom die inzicht geeft in de leerlijnen en tussendoelen met behulp van 200 filmfragmenten.
- Uitgave Jan Luiting Fonds.
Direct aan de slag met activiteiten in het speellokaal
Beter bewegen met kleuters
- Boek met 56 uitgewerkte lessen, 7 observatie- en evaluatielessen en 3 suggesties voor een speldag.
- Kinderen worden gestimuleerd om elkaar te helpen en om zelfstandig te werken.
- Uitgave 1996: Hbuitgevers.
Remediemap bewegingsonderwijs
- De map is specifiek voor motorische remedial teaching (MRT).
- Het bestaat uit bewegingsspelkaarten. Deze vergroten de mogelijkheden om met kinderen "op maat" te spelen. Met name ouderparticipatie is met behulp van deze kaarten mogelijk. Ook zijn er publicaties opgenomen voor het praktisch invullen van motorische remedial teaching.
- Uitgave 1999: Stichting Motorische Remedial Teaching in Beweging.
Gratis activiteiten
Wij hebben activiteiten opgesteld voor het speellokaal. De activiteiten hebben betrekking op verschillende leerlijnen en zijn te differentiëren. Schrijf je in en ontvang 6 weken lang een activiteit. Vraag het hier aan
16 aandachtspunten bij het inrichten van een speellokaal
Jouw school gaat een nieuw speellokaal inrichten. Waar begin je dan? Hoe zorg je dat je het veilig inricht? En welke materialen moet je aanschaffen? Nijha heeft 16 aandachtspunten op een rij gezet om je op weg te helpen.
- Zet bij nieuwbouw alle wensen op papier, zodat je die kunt meenemen in de bouwtekening. Een bouwkundige aanpassing door de architect kan alleen zonder kosten in de schetsfase. De inhoudelijke en functionele waarde moet je zelf aan geven;
- Houd bij de inrichting rekening met de manier waarop je les wilt geven (klassikaal of in groepen). Bij klassikale lessen staat één bewegingsactiviteit centraal, bij een les in groepen biedt je meerdere activiteiten tegelijk aan.
- Bekijk de ontwikkelingen qua leerlingenaantal van jouw school en bepaal op basis van de aantallen de hoeveelheid inventaris.
- Wordt de nieuwe school een Brede School? Inventariseer dan het extra gebruik van het speellokaal door bijvoorbeeld peuterspeelzaal, kinderopvang, of BSO. Welke materialen heb je dan (extra) nodig?
- Heeft het speellokaal een multifunctioneel karakter? Zo ja, dan heb je een geluidwerende en stevige (balvaste) wand nodig.
- Het speellokaal moet een sportvloer hebben, ook als het lokaal een multifunctioneel karakter heeft. De sportvloer moet bovendien voldoende demping geven.
- De minimale afmeting voor een speellokaal is 84 m2.
- De berging moet minimaal 8 m2 en 260 cm hoog zijn, zodat je ladders staand kunt plaatsen.
- De berging moet goed bereikbaar zijn en aansluiten op de werkvloer.
- Wordt het speellokaal verdiept aangelegd? Zo ja, kijk dan kritisch naar de trap. Deze mag geen scherpe hoeken hebben en moet duidelijk afsteken bij de werkruimte. De trap mag geen onderdeel zijn van de werkruimte en moet dus buiten de 84 m2 vallen.
- Is er een voldoende sterke draagconstructie in het plafond aangebracht om één of meer zwaaipunten aan te kunnen brengen?
- Welk plafond komt er in het lokaal? Een systeemplafond is niet wenselijk. Het plafond moet zo egaal mogelijk en balvast zijn. Als er een systeemplafond gepland staat, stel dan als eis dat de platen geborgd worden en niet opwippen als er een bal tegenaan komt.
- Zorg ervoor dat de verlichting voldoende weggewerkt en balvast is.
- Er mogen geen uitstekende delen in het lokaal voorkomen. Een verwarming moet afgeschermd zijn, deuren moeten naar buiten toe opengaan en lichtknoppen moeten vlak op de muur zijn aangebracht (en balvast zijn).
- Zorg dat de wanden van het lokaal vlak afgewerkt zijn en geen gruis loslaten bij balcontact. Uit budgetoverwegingen kiezen scholen regelmatig voor een grove steen. Dit is vanuit veiligheid (ARBO) niet goed te keuren. Als je geen andere steensoort kunt kiezen, stel dan als eis dat de wand bekleed wordt of dat er een coating over de steen komt. Dit voorkomt blessures, spaart balmateriaal en voorkomt dat de sportvloer beschadigt.
- Houd bij de inrichting van een speellokaal rekening met de actuele KVLO Basisinventarislijst Speellokaal.
8 tips voor het indelen van een schoolplein
Ben je bezig met het indelen van een nieuw schoolplein of het herinrichten van een bestaand schoolplein? Hieronder vind je 8 tips voor een goede indeling van het plein.
1. Bepaal de routes op het schoolplein
Voor een goede indeling is het noodzakelijk om eerst te kijken naar looproutes en rijroutes op het plein. Een looproute is de route die kinderen lopen van school naar de zandbak en de berging maar ook naar de uitgang. Een rijroute is de route voor kruiwagens en karren. De speelelementen die je op het schoolplein plaatst, mogen deze routes niet blokkeren.
2. Voorkom ongelukken op het schoolplein
Toestellen zoals schommels en draaitoestellen, vragen extra aandacht bij de inrichting van het schoolplein. Rennende kinderen snijden graag een stukje af. Ze mogen dan natuurlijk niet in botsing komen met schommelende kinderen of kinderen die van een draaiend toestel afspringen. De plaats van schommels en draaitoestellen moet dus duidelijk op afstand liggen van loop- en rijroutes.
Creëer rust en zones op het schoolplein
3. Berging
Zorg dat de berging direct aan het plein ligt. Dit klinkt als een open deur, maar er zijn vele voorbeelden uit de praktijk waar de berging een onlogische plek heeft gekregen. Denk daarnaast ook alvast na over de inrichting en indeling van de opbergruimte. Dit kan tijdens gebruik veel irritaties voorkomen. Tip: maak hogere groepen verantwoordelijk voor de uitleen van materialen en het opruimen.
4. Rust voor de kinderen
Van hun speeltijd besteden kinderen 30% aan kijken, observeren en bijkletsen. Creëer daarom ook een rustige hoek. Laat loop- en rijroutes niet kort langs deze zit/kijkhoek lopen. Kinderen moeten zich ook kunnen afzonderen en andere kinderen ongestoord kunnen bekijken/ observeren. Het mooiste is als deze beschutte plek aan de zonkant ligt en aan de achterkant afgeschermd is.
5. Leeftijden uit elkaar
De ruimtelijke indeling van het schoolplein bepaalt voor een groot deel de verdeling van de leerlingen tijdens het buitenspel. De speeltoestellen moeten goed aansluiten bij de leeftijdsgroep waarvoor ze bedoeld zijn en kinderen uitdagen en aantrekken. Vaak richten scholen een zone in voor de onderbouw en een zone voor de bovenbouw.
Blijf aansluiten op de beleveringswereld
6. Aansluiten bij de belevingswereld
Speeltoestellen moeten aansluiten bij de ontwikkelingsfase van kinderen. Voor kinderen in de onderbouw zijn fantasie en rollenspel belangrijk. Denk hierbij aan speelhuisjes. Voor kinderen in de middenbouw moet je meer denken aan klimmen & klauteren en voor kinderen in de bovenbouw aan sporten.
7. Zon en schaduw
Het ene speelelement moet juist in de zon staan en het andere juist in de schaduw. Plaats een zandbak in de ochtendzon, zo kan het zand snel drogen. Plaats een glijbaan zo, dat de zon niet de hele dag op de glijgoot brandt.
8. Beplanting op en rond plein
Struiken hebben een ongelooflijke aantrekkingskracht op kinderen. Het is spannend en prikkelt de fantasie. Kies voor struiken die tegen een stootje kunnen. Met de komst van groene schoolpleinen is het beplanten van een plein steeds belangrijker geworden.
