Openbare Ruimte
Bewegen is belangrijker dan ooit. Vooral nu meer dan de helft van de Nederlanders de beweegrichtlijn niet haalt (RIVM, 2025). De openbare ruimte biedt veel oplossingen. Lees onze kennisartikelen.
Artikelen
Let's play net
Waarom is er in de wijk eigenlijk nog geen outdoor badmintonnet? Iedereen heeft wel badminton gespeeld, op straat, in het park of op de camping. Het is een razend populaire sport en lekker laagdrempelig. Daarom hebben Badminton Nederland en Nijha de handen in een geslagen en het Let's Play Net ontwikkeld.
In de wijk, op het schoolplein of bij het sportcourt
Badminton wordt veel recreatief gespeeld, dus de kans op succes is het grootst als het Let’s Play Net op een goed bereikbare locatie geplaatst wordt. Er is geen speciale ondergrond nodig, dus het net kan geplaatst worden op tegels, beton, kunstgras of gras.
Voor badminton en nog veel meer
De nethoogte is afgestemd op badminton. Daarbij is Airbadminton dé trend. Er wordt gebruik gemaakt van een speciale, minder windgevoelige shuttle. Maar er zijn ook andere sporten mogelijk, zoals voetvolley, pickleball large en tennis- en volleybalvormen. De ruimte onder het net zou zelfs als doeltje bij voetbal of hockey gebruikt kunnen worden.
Invulling van gemeentelijk beleid
Vrijwel elke gemeente heeft beweegbeleid waarin als doel gesteld wordt om meer burgers te stimuleren tot bewegen. En in lokale sportakkoorden worden laagdrempelige beweegactiviteiten gezien als een passende oplossing om niet-bewegers actief te krijgen. Daar past het Let’s Play Net fantastisch in. Het kan gebruikt worden bij georganiseerde activiteiten onder begeleiding vaneen buurtsportcoach of badmintontrainer. Buurtbewoners kunnen er ook op een voor hun passend moment met eigen regels en veldafmetingen gebruik van maken.
Stoer, sterk en compact
Het Let’s Play Net heeft een stoere uitstraling en is gemaakt van oerdegelijk materiaal. Dat maakt het net geschikt voor elke locatie. Ook bootcampers, hardlopers en outdoor survivalaars vinden in het Let’s Play net een mooi circuit onderdeel, voor kracht- interval- of coördinatie oefeningen. Door de netbreedte van 300 cm vraagt het Let’s Play Net weinig ruimte, dus er is altijd een goede plek te vinden.
Trainingen voor lesgevers
Badminton Nederland verzorgt trainingen voor buurtsportcoaches en vakleerkrachten LO zodat zij activiteiten goed kunnen begeleiden. Zo wordt geborgd dat een Let’s Play Net ook gebruikt kan worden voor gymlessen en bij buitenschoolse activiteiten.
Bekijk het Ley's Play net hier.
Subsidies en fondsen voor Urban Sports
Voor het aanleggen van een Urban Sportspark, een calisthenics plek, of een freerunning parcours bestaan verschillende fondsen en subsidies. Externe financiering – klein of groot – kan helpen om jouw project een duwtje in de rug te geven. We zetten een aantal mogelijkhedenop een rij.
Subsidies
Er zijn verschillende sportgerelateerde subsidieregelingen waar gemeenten en verenigingen een beroep op kunnen doen. Bijvoorbeeld voor (ver)bouwing of aanschaf van materiaal.
Kenniscentrum Sport biedt een overzicht van diverse sportsubsidies via de database Sportsubsidie.
Gemeenten en provincies stellen regelmatig tijdelijke subsidieregelingen open, waar initiatieven uit de regio een beroep op kunnen doen. Kijk hiervoor op de website van jouw gemeente of provincie. Ook de Europese Unie biedt diverse subsidies.
Omdat het best complex is om de juiste subsidie te vinden, kun je ook gebruikmaken van een subsidie- & adviesbureau. Zij zoeken dan uit hoe je aan een subsidie komt en als vergoeding willen zij een klein deel van de subsidie. Dit kost je niets wanneer het niet lukt (no cure,no pay).
Lokale sportakkoorden
In veel gemeenten is een lokaal sportakkoord opgesteld als onderdeel van het landelijke Sportakkoord II (2023–2026). Hierin maken verschillende partijen, zoals sportverenigingen, gemeenten en andere organisaties, afspraken om sport en bewegen te stimuleren.
Als er in jouw gemeente een sportakkoord is, kun je subsidie aanvragen voor een initiatief dat past bij de doelen van dit akkoord. Dit budget wordt door de gemeente verdeeld en komt voort uit de landelijke regeling Brede SPUK (Specifieke Uitkering). De hoogte van het budget verschilt per gemeente en is onder andere afhankelijk van het inwoneraantal. Bekijk hoe het werkt.
Fondsen en goede doelen
Fondsen zoals het Oranje Fonds, Jantje Beton en de Johan Cruyff Foundation bieden mogelijkheden voor financiële ondersteuning van maatschappelijke en sportgerichte projecten. Het is daarom waardevol om deze fondsen te benaderen voor aanvullende financiering. Hierbij is het belangrijk dat het initiatief aansluit bij de doelstellingen van het fonds en dat er een duidelijke aanvraag wordt ingediend.
Sponsoring
Door bedrijven iets aan te bieden, zoals een reclamebord bij het park of een workshop voor werknemers, kun je hen interesseren om (een deel van) het project te sponsoren. In ruil voor hun bijdrage krijgen zij bijvoorbeeld zichtbaarheid of een tegenprestatie die past bij hun organisatie.
Belanghebbenden
Belanghebbenden in de buurt, zoals scholen en sportscholen, kunnen ideale mede-gebruikers zijn van een sport- of beweegplek. Het is belangrijk om duidelijk te maken waarom deze plek een aanwinst is. Ga vervolgens samen in gesprek om te kijken op welke manier zij kunnen bijdragen, bijvoorbeeld in gebruik, organisatie of ondersteuning.
Banken
Banken ondersteunen regelmatig lokale initiatieven, onder andere op het gebied van sport en bewegen. Via het Coöperatiefonds kunnen verenigingen en organisaties financiële steun aanvragen voor maatschappelijke projecten in de buurt. Het kan daarom interessant zijn om een aanvraag te doen en duidelijk te maken wat jouw project oplevert voor de omgeving. Per regio kunnen de voorwaarden en mogelijkheden verschillen.
Crowdfunding
Door middel van een goede crowdfundingcampagne kun je veel geld binnenhalen. Het is belangrijk dat je een sterke campagne met goede ideeën opzet als je ervoor wil zorgen dat het kans van slagen heeft. Crowdfundingplatforms zoals www.voorjebuurt.nl zijn voor zulke initiatieven een goede keus.
Subsidies en fondsen voor bewegen in de openbare ruimte
Voor het aanleggen van een beweegplek in de openbare ruimte bestaan verschillende fondsen en subsidies. Externe financiering – klein of groot – kan helpen om jouw project een duwtje in de rug te geven. We zetten een aantal mogelijkheden op een rij.
Subsidies
Er zijn verschillende sportgerelateerde subsidieregelingen waar gemeenten en verenigingen een beroep op kunnen doen. Bijvoorbeeld voor (ver)bouwing of aanschaf van materiaal.
Kenniscentrum Sport biedt een overzicht van diverse sportsubsidies via de database Sportsubsidie.
Gemeenten en provincies stellen regelmatig tijdelijke subsidieregelingen open, waar initiatieven uit de regio een beroep op kunnen doen. Kijk hiervoor op de website van jouw gemeente of provincie. Ook de Europese Unie biedt diverse subsidies.
Omdat het best complex is om de juiste subsidie te vinden, kun je ook gebruikmaken van een subsidie- & adviesbureau. Zij zoeken dan uit hoe je aan een subsidie komt en als vergoeding willen zij een klein deel van de subsidie. Dit kost je niets wanneer het niet lukt (no cure,no pay).
Lokale sportakkoorden
In veel gemeenten is een lokaal sportakkoord opgesteld als onderdeel van het landelijke Sportakkoord II (2023–2026). Hierin maken verschillende partijen, zoals sportverenigingen, gemeenten en andere organisaties, afspraken om sport en bewegen te stimuleren.
Als er in jouw gemeente een sportakkoord is, kun je subsidie aanvragen voor een initiatief dat past bij de doelen van dit akkoord. Dit budget wordt door de gemeente verdeeld en komt voort uit de landelijke regeling Brede SPUK (Specifieke Uitkering). De hoogte van het budget verschilt per gemeente en is onder andere afhankelijk van het inwoneraantal. Bekijk hoe het werkt.
Fondsen en goede doelen
Fondsen zoals het Oranje Fonds, Jantje Beton en de Johan Cruyff Foundation bieden mogelijkheden voor financiële ondersteuning van maatschappelijke en sportgerichte projecten. Het is daarom waardevol om deze fondsen te benaderen voor aanvullende financiering. Hierbij is het belangrijk dat het initiatief aansluit bij de doelstellingen van het fonds en dat er een duidelijke aanvraag wordt ingediend.
Sponsoring
Door bedrijven iets aan te bieden, zoals een reclamebord bij het park of een workshop voor werknemers, kun je hen interesseren om (een deel van) het project te sponsoren. In ruil voor hun bijdrage krijgen zij bijvoorbeeld zichtbaarheid of een tegenprestatie die past bij hun organisatie.
Belanghebbenden
Belanghebbenden in de buurt, zoals scholen en sportscholen, kunnen ideale mede-gebruikers zijn van een sport- of beweegplek. Het is belangrijk om duidelijk te maken waarom deze plek een aanwinst is. Ga vervolgens samen in gesprek om te kijken op welke manier zij kunnen bijdragen, bijvoorbeeld in gebruik, organisatie of ondersteuning.
Banken
Banken ondersteunen regelmatig lokale initiatieven, onder andere op het gebied van sport en bewegen. Via het Coöperatiefonds kunnen verenigingen en organisaties financiële steun aanvragen voor maatschappelijke projecten in de buurt. Het kan daarom interessant zijn om een aanvraag te doen en duidelijk te maken wat jouw project oplevert voor de omgeving. Per regio kunnen de voorwaarden en mogelijkheden verschillen.
Crowdfunding
Door middel van een goede crowdfundingcampagne kun je veel geld binnenhalen. Het is belangrijk dat je een sterke campagne met goede ideeën opzet als je ervoor wil zorgen dat het kans van slagen heeft. Crowdfundingplatforms zoals www.voorjebuurt.nl zijn voor zulke initiatieven een goede keus.
Hoe willen meiden bewegen in de openbare ruimte?
Onderzoek naar sportwensen van meiden
Katja Braam en Willemijn Langkamp werken bij Hogeschool Inholland en deden onderzoek naar de sportwensen van meiden in de buitenruimte. Ook ontwikkelen zij een sportieve meidencommunity binnen het Sportlab in Haarlem. Katja: “Meiden gebruiken het aanbod veel minder, ze staan er een beetje bij, of je ziet ze niet. Als we willen dat meer meiden de beweegrichtlijn halen, vraagt dat om structurele beweegparticipatie. Maar structureel en adolescent is een lastige combinatie. Jongeren willen vooral sporten als ze zin hebben. Uit eerder onderzoek bleek al dat jonge meiden geen vaste sporttijden willen en vooral ‘niet willen als ze moeten’.
Wat willen de meiden?
Aan het onderzoek deden 132 meiden uit Haarlem en omgeving mee, gemiddeld 15 jaar oud. Katja: “De meiden willen het liefst sporten in een kleine groep of in een team. Liefst in de avond. Geen contactsporten, maar wel iets met dansen. En hoewel de meeste meiden zeggen dat ze best gemengd willen sporten, horen we uit de praktijk juist dat ze vaak liever alleen met meiden sporten.”
Culturele uitdagingen
Gevraagd naar hun belemmeringen noemen de meiden in Haarlem: ik heb geen zin, ik weet niet of het leuk is, ik weet niet of ik het wel kan of volhoud en ik ben te moe. Katja: “De middelbare school kost veel tijd en de prestatiedruk is hoog. Dus zien we dat sport als eerste afvalt.”
Soms hebben ook culturele verschillen impact. Katja: “Niet alle ouders willen dat hun dochters sporten in het zicht van mannen, wat buiten sporten lastig maakt. Een mooi voorbeeld hoe het wél kan is Alphen aan de Rijn: daar heeft de islamitische school samen met buurtsportcoach het dansaanbod voor meiden opgezet.”
Nadruk op samen
Bevorderende factoren noemen de Haarlemse meiden ook: er is veel keus, samen sporten is gezellig, we vinden het leuk om met elkaar bezig zijn, je wordt er fit van. Sporten moet haalbaar zijn voor iedereen, ondanks conditie en talent. Daarbij willen ze graag een leuke trainer die plezier centraal zet en hen motiveert.
Katja: “Samen doen en samen zijn is overduidelijk een heel belangrijke factor voor meiden. Daarom zetten we in op community building en plek waar ze zich prettig en welkom voelen. Zeker voor meiden uit gezinnen met een lagere sociaal economische status is dat sociale element heel belangrijk.”
Peers met een trekkersrol
Willemijn vertelt meer over het Sportlab. “We hebben een locatie in de openbare ruimte, waar we gevarieerd beweegaanbod voor meiden organiseren, samen met partners. Een rolmodel dat dichtbij de groep staat en meiden aanspreekt is onmisbaar. Gelukkig hebben we een jonge vrouwelijke buurtsportcoach die de meiden goed weet te vinden. Maar ‘peers’ blijven het belangrijkst. De meiden kijken heel erg naar elkaar, dus we zoeken ook binnen de groep steeds trekkers die de boel een beetje aanzwengelen.”
“We werken nauw samen verschillende sportverenigingen, SIOS en met jongerenwerk als we de wijk in gaan. Het is soms best lastig: ze willen wel iets doen, en ze willen wel komen. Maar dan komen ze in een strak jurkje en naveltruitje en willen ze coole sporten doen als kickboksen. Maar al snel komen dan de jongens op een muurtje zitten en kijken. Dat vonden de meiden niet prettig. Dus we zoeken een wat meer afgeschermde plek.”
Urban Dance Grounds in Utrecht
Petra Pluijmers constateerde dat in Utrecht maar liefst 54% van de jongens – versus slechts 7% van de meiden sport in de openbare ruimte. Samen met de meiden bedacht ze een innovatief concept: de Urban Dance Ground. Een plek in hun eigen wijk, mét muziek en choreo’s, waar ze kunnen dansen en Tiktoks kunnen opnemen. De meiden kozen de plek zelf uit en onderhouden hem goed.”
Female leaders bij 3x3 basketbal
Stichting 3x3 Unites leidt jongeren op tot ‘leaders’, die in hun eigen wijk een basketbal community opbouwen en activiteiten organiseren. Ilse Waanders is een van de vrouwelijke leaders van 3x3 en weet uit ervaring hoe lastig het is om op straat zomaar met de jongens mee te durven doen. “Meiden moeten de openbare ruimte durven claimen. Als je het spannend vind, neem dan je vriendinnen en zussen mee, want dat voelt zelfverzekerder. Jij mag er ook spelen!”
Calisthenics voor meiden
Calisthenics is een vorm van sport waarbij je je eigen lichaamsgewicht gebruikt. Toen professioneel atleet en tweevoudig wereldkampioen Melanie Driessen begon, was het nog echt een mannencultuur. Dat vond ze eerst best angstaanjagend, maar al die gespierde mannen bleken heel aardig! Sinds Melanie filmpjes deelt op social media, raakten ook andere meiden enthousiast. “Soms krijg ik apps van vrouwen dat juist ik ze heb gemotiveerd, om te zien dat een vrouw het ook kan!”
Hoe betrek je inwoners bij het inrichten van een beweegplek?
Je hebt altijd al actieve buurtbewoners gehad, maar de laatste jaren is de dialoog tussen gemeenten en inwoners echt goed op gang gekomen. Inwoners nemen steeds vaker zélf het initiatief voor lokale beweegprojecten. Beleid wordt niet meer op afstand gemaakt, maar de gemeente trekt actief de wijk in om samen met inwoners en lokale partners aan de slag te gaan. Wij geven intensieve begeleiding aan die trajecten. We delen onze ervaringen en tips.
Betrek mensen vanaf het begin
‘Als je betrokken mensen wilt: dan moet je ze betrekken!’ Dat klinkt logisch, maar soms zie je dat een gemeente ergens toestellen plaatst die vervolgens nauwelijks gebruikt worden. Je moet buurtbewoners, scholen, zorginstellingen en andere partijen vanaf het begin betrekken. Ten eerste weet je dan beter aan wélk soort materialen behoefte is. Maar je leert ook waar in de wijk je de materialen het beste kunt plaatsen en aan welke programmering behoefte is. Het mooie is: mensen die vanaf het begin betrokken zijn, tonen ook meer verantwoordelijkheid voor het gebruik en onderhoud.
Verandering komt uit vele hoeken
De motivatie om de openbare ruimte beweegvriendelijk in te richten kan uit verschillende hoeken komen. Inwoners geven aan meer groen of speelplekken in de buurt te willen. Wijk- of dorpsraden hebben onderzoek gedaan naar de leefbaarheid van de buurt. De gemeente gaat aan de slag met een omgevingsvisie. Het sociale wijkteam merkt op dat oudere inwoners vereenzamen. Het speelbeleid wordt herzien. Of vanuit het verenigingsleven ontstaat de behoefte om een multifunctionele sportaccommodatie te ontwikkelen.
Projectteam mét buurtbewoners
Een openbare ruimte die uitdaagt tot bewegen ontwikkel je niet alleen: betrek in de eerste plaats de inwoners die in de buurt wonen. En denk ook aan sportverenigingen en scholen: ook zij hebben een visie op beweegaanbod voor hun leden en leerlingen. Het bundelen van ervaringen en ideeën leidt vaak tot verrassende nieuwe inzichten. Tot slot is ons advies: vraag ook diverse afdelingen van de gemeente aan tafel. Daarmee los je issues rondom bijvoorbeeld gemeentegrond,verkeersveiligheid en beheer snel op.
De wijkscan
Om een goed plan te maken heb je input nodig uit de buurt. Zoek altijd naar een combinatie van feiten en beleving. Om een goed startpunt te hebben voor de feiten, doen we vaak een wijkscan samen met het projectteam. Daarmee verzamel je informatie over de inwoners: bijvoorbeeld aantal inwoners, leeftijdscategorie, eenzaamheid, enzovoorts. Maar ook informatie over dewijk: soort bebouwing, hoeveelheid groen en beschikbare sportaccommodaties.
Creatieve werkvormen
Naast de feiten, gaan we ook op zoek naar beleving en ervaringen. Dat doen we door verschillende creatieve werkvormen in te zetten. Denk aan een enquête uitzetten, met kinderen op ‘safari’ gaan in de wijk of buurt, of een bewonersavond organiseren. Je kunt met kinderen ook hun ‘droomwijk’ bouwen.
In het Valeriuskwartier in Leeuwarden organiseerden we bijvoorbeeld een wijksafari waarin we samen met kinderen - en later met hun ouders - een wandeling door de wijk maakten. De kinderen konden precies aangeven welke routes zij gebruiken, waar ze graag spelen en ook hoe ze spelen. Dat leverde ook voor de gemeente nieuwe inzichten op. De wijk had een grote speelvoorziening, maar wat bleek: kinderen mochten daar niet zelfstandig naartoe vanwege een gevaarlijke oversteek. Zonde, want zo werden de speeltoestellen niet goed gebruikt.

Kansen en prioriteiten
Om inwoners stap voor stap mee te nemen, helpt het als je visuele middelen hebt. Wij werken met kansenkaarten. Hierin laten we alle uitdagingen en mogelijkheden in de wijk zien. Samen met inwoners vergelijk je deze kaart met hun behoeftes, ambities en natuurlijk ook met het beschikbare budget. Een ontwerper maakt het vervolgens nog concreter, door een conceptplan te maken. Hierin krijgen alle gewenste functies (bewegen, spelen, groen, ontmoeten, educatie, cultuur) en activiteiten een plek. Dit presenteren we graag aan de hele buurt, tijdens een leuk event met sportieve activiteiten. Zo kan iedereen feedback geven.
Blijvend effect
Onze jarenlange ervaring in de buurten, wijken en op de schoolpleinen van Nederland heeft ons geleerd: met alleen fysieke maatregelen creëer je geen blijvende beweging. Kijkniet alleen naar fysieke maatregelen, maar ook naar het activiteiten aanbod en de programmering, om mensen daadwerkelijk te activeren. Ook daarbij kun je inwoners vragen waar zij behoefte aan hebben. In Delfzijl ontwikkelden we bijvoorbeeld een beweegtuin, waarbij meteen een beweegcoach werd aangesteld. Die wandelt geregeld binnen bij de dagbesteding voor ouderen die een steuntje in de rug nodig hebben, met de vraag: ‘Wie heeft er zin om even mee te gaan bewegen?’.
Beweegbank
Zitten is het nieuwe roken
'Zitten is het nieuwe roken', maar niet met de IPitup Beweegbank! De traditionele parkbank is verleden tijd. Met de Beweegbank kan iedereen, van jong tot oud, makkelijk in beweging komen. Op en rondom de bank zijn meer dan 200 fitnessoefeningen mogelijk. Dat maakt de Beweegbank een goede toevoeging voor plekken waar je bankjes wilt plaatsen en toch mensen in beweging wilt krijgen.
De Beweeg-app
Met de bijbehorende gratis beweeg-app wordt de Beweegbank nog leuker! Gebruikers hebben een virtuele coach en motivator bij de hand, die zorgt voor oefeningen op individueel niveau. De app bevat een combinatie van kracht-, conditie- en stabilisatieoefeningen, afgestemd op de fitheid van de gebruiker. Naast oefeningen op en rondom de bank wordt de gebruiker ook gestimuleerd om te gaan wandelen, joggen of fietsen met behulp van voorgestelde routes, zodat er niet alleen aan kracht, maar ook aan conditie wordt gewerkt. De Beweegbank past dus ook perfect in een beweegroute.
Op de bank zelf is een infopaneel aangebracht met de meest laagdrempelige oefeningen per oefenstation. Dat maakt de bank ook uitermate geschikt voor senioren die wat minder handig zijn met een mobiele telefoon.

Coaching
De Beweegbank is uitermate geschikt om individueel te trainen, maar je haalt er nog meer uit als je je workout doet onder leiding van een trainer. Mensen met een achtergrond in bewegen (bijvoorbeeld fysiotherapeuten en mensen met een opleiding in de sport) worden in 2 dagdelen opgeleid tot IPitup-trainer. Als je een bank aanschaft, is dat altijd inclusief opleiding voor een trainer.
